woensdag 23 december 2009

Happy X-mas!


Lustige lezers,

"The proper behavior all through the holiday season is to be drunk. This drunkenness culminates on New Year's Eve, when you get so drunk you kiss the person you're married to."

I'm a little bit older, a little bit wiser, a little bit rounder, but still none the wiser.
Ik wens jullie allen een knallend uiteinde en een spetterend begin!
Have fun and smile!!

woensdag 16 december 2009

Sydney --> Melbourne --> Tasmanië


G'day Maaates!
Er zijn weer iets meer dan 2 weken voorbij sinds mijn aankomst in Australië. Aangekomen in Sydney mocht ik er mijn verrassing (die eigenlijk geen echte verrassing meer was) begroeten. Desalniettemin zeer tevreden ermee. De eerste twee dagen Sydney verkend, de oudste, grootste en meest diverse stad (haven, strand, parken, oude gebouwen, nieuwe wolkenkrabbers en bovendien weer een gans gamma aan westerse maaltijdkost). Het is een bruisende stad met heel wat dingen te zien en te doen. Om maar meteen het meest herkenbare icoon te noemen: het operahuis, met de harbour bridge op de achtergrond (kostplaatje van 20 miljoen dollar voor de bouw ervan). We zijn verder langs de toeristische haven gewandeld en door de botanische tuinen alwaar we van de vele kruiden hebben geproefd en een eerste kennismaking gehad hebben met de flying foxes (of vleermuizen) die talrijk in en rond de bomen vertegenwoordigd waren. Dag 2 zijn we naar de zoo getrokken (beesjes!) en door 'The Rocks' gelopen, de buurt waar de eerste Europeanen zich gesetteld hebben en dus vol oude gebouwen en kitschy cafeetjes. Vanuit Sydney de nachttrein naar Melbourne genomen om dan de nachtferry naar Tasmanië te nemen. Opvallend aan Melbourne waren de vele fietsers en lastige vliegen die je hoofd ambeteren. Nog even wat rondgewandeld en de volgende morgen Tasmanië binnengewandeld. Na heel wat rekenwerk bleek een auto huren de beste optie om er rond te toeren. Eén ding kan je namelijk wel zeggen van Australië in het algemeen, het is hier duuuuur (en des te meer als je van Centraal-Amerika komt)!

Tasmanië heeft een oppervlakte van circa 2x België en is vol van nationale parken (17) en world heritage gebied. Bijna de helft van Tazzie staat onder natuurbescherming en je vindt er meer dan 1000 km aan wandelwegen. In 9 dagen hebben we toch 2000km gereden en zo het meeste van deze zuidelijke deelstaat kunnen bezichtigen. Om de kosten nog wat verder te drukken, eveneens besloten om in onze gloednieuwe vriend, de Hyundai Getz, te overnachten. Met als gevolg dat douchen schaars was en ik het gevoel heb toe te zijn aan nieuwe heupen en knieën, om nog maar van de kou te zwijgen. Gelukkig konden we ons elke dag opwarmen aan een fikse wandeling van 8-9km (of 3-4u wandelen). We zijn onder andere in Cradle Mountain-Lake St.Clair national park geweest, 160 000 ha groot met het diepste zoetwatermeer van Australië (190m). Het was ook vreemd te zien hoe om de zoveel kilometer het landschap helemaal verandert. Van soort steppe tot regenwoud tot landbouwvelden en dan langs de oostkust tal van mooie baaien en stranden. Wineglass bay, waar we een rappe duik in het koude water genomen hebben, en Bay of Fires met z'n mooie vuurtoren. Kortom witte stranden met fijn zand, roze gekleurde granietrotsen en kristalhelder water.
Naast al dat natuurschoon en vele dieren als kangoeroes, wallaby's, wombats, echidneys,... ook even halt gehouden in Hobart, de hoofdstad en tevens Australië's tweede oudste stad. We zijn er vooral heengegaan om de Salamanca Market aan te doen, een markt vol Tasmaans handwerk, en er zeevruchten te eten. Bovendien staan er ook nog heel wat 19e eeuwse bewaarde arbeiderswoningen.
Port Arthur is dan weer het historisch centrum, de oude gevangenissite, alwaar criminelen er tussen 1830 en 1877 heen gebracht werden om er hard labeur te doen. Port Arthur was eigenlijk een oud dorpje gebouwd rond de gevangenis. De meeste gebouwen zijn nog half bewaard gebleven en een kijkje in de vele cellen en de verhalen erbij geven menigeen een rilling over de rug.

Voor de rest is iedereen hier al een tijdje enorm in de ban van kerstmis. Je ziet velen rondlopen met kerstmutsen op en langs straat is er volop versiering en grote kerstbomen. Een erg positief punt hier is dat er overal waar je komt openbare toiletten voorhanden zijn, gratis en voor niets en zelfs langs de weg aangeduid door pijltjes. Hoe handig! Eveneens in parkjes naast vuilnisbakken hondenpoepzakjes te vinden. Iets waar ze in België voor mijn part een voorbeeld aan mogen nemen. Je kan er bovendien ook een stukje snelweg adopteren...

En zo zijn we terug in Melbourne, waar de graden gisteren opliepen tot ver in de 30 en de vliegen weer volop rond ons hoofd vlogen, op zoek naar een auto om ons verder de outback in te brengen!

woensdag 2 december 2009

Fiji

Witte stranden, turquoise lagoons, wiebelende palmbomen,... BULA VINAKA! Welcome to Fiji!
De 330 eilanden van Fiji hebben veel weg van wat velen het paradijs noemen. Geen gevaarlijke dieren of ziektes om je zorgen over te maken (uitgezonderd Aids die hier wel de grootste zorg is).
Bij aankomst zie je meteen dat toerisme de grootste inkomst is. Velen trekken gewoon een week naar de Mamanuca en Yasawa-eilanden en hoppen er van het ene naar het andere eiland om er te chillaxen, snorkelen en zonnebaden in een of ander luxe resort. Ik ben eerder uit op het culturele aspect en besloot daarom om mijn eerste week het grote Viti Levu-eiland in te trekken. De laatste week zou ik dan ook wat eilanden aandoen. (Later, na een dag in een backpack resort op het strand doorgebracht te hebben en me na een 2-tal uur al verveelde, besefte ik dat ik dit geen 7 dagen zou kunnen volhouden. Toch wat meer activiteit nodig.) Mijn eerste dag in Nadi maakte ik meteen kennis met de kava-traditie. Kava is de nationale drank gemaakt van de wortels van de peperplant en wordt vaak geofferd (sevusevu) als deel van een welkomstceremonie in een leefgemeenschap of village. Het wordt gedronken uit een halve kokosnootschelp (bilo) en ziet eruit als een modderdrankje. Voor en na het drinken wordt er een paar keer in de handen geklapt. Ik kan met niets vergelijken waarnaar het smaakt -alvast geen peper- maar je lippen en tong krijgen wel een verdovend gevoel. Afijn, Nadi is niet echt de leukste plaats om te vertoeven, hoewel je er wel een duidelijk zicht krijgt op de verschillende culturen die in Fiji aanwezig zijn. Je hebt er eerst en vooral de ‘native Fijians’ die voor mij sterk op de Maori lijken. Het zijn grote mannen en vrouwen, brede neus, kloeke gestalte. Zowel mannen als vrouwen dragen af en toe een bloem achter de linker of rechteroor (links:getrouwd; rechts:single). Mannen dragen meestal een felgekleurd en bedrukt bloemetjeshemd, vaak gecombineerd met een soort rok. Vrouwen dragen een soort variatie op de sula of sarong. Vervolgens zijn er ook de ‘Fiji-indians’, Indiërs die voornamelijk als werkkrachten naar Fiji gebracht werden en er uiteindelijk bleven. Ze maken 38% uit van de totale populatie in Fiji en zijn eigenaars van heel wat winkeltjes en restaurants. Typisch is dat ze je ook aanspreken met ma’m (yes ma’m, of course ma’m, certainly ma’m, thank you ma’m…). Voor de rest zijn ook China, Europa, Australië en Nieuw-Zeeland goed vertegenwoordigd, alsook een mix van al deze.

Dag 2 ben ik verder de zuidkust gaan verkennen, de bus op naar Sigatoka Sand Dunes National Park. Grappig is dat de bussen hier geen ramen hebben, lekker frisjes dus, en er werkers met kruiwagens klaar staan om de bagage van de passagiers te vervoeren. Zoals de naam zegt is het Sand Dunes Park een gebied van 680 hectare duinen die op plaatsen tot 80m hoog rijzen. Het geeft mooie uitzichten op de omgeving en geeft je af en toe het gevoel alsof je in de woestijn bent.

Na een dagje rusten in een backpackerresort langs de coral coast doorgereisd naar Suva, de hoofdstad. Vol marktjes, winkels en oude gebouwen naast talrijke wolkenkrabbers was voor mij een bezoek aan het museum het interessantst alwaar je een goed beeld krijgt op de geschiedenis en vroegere tradities (oa kannibalisme) van het land. Verder zijn er overal ook rugby-velden te vinden, de sport, en is iedereen al volop in de kerstsfeer. De kerstboom is reeds present en in de reclame zie je de kerstmutsen verschijnen. Om nog niet te spreken van de muziek.

Van Suva de ferry op naar Ovalau eiland waar Levuka zich bevindt. Levuka was de oude hoofdstad en lijkt nu wat op een uitgestorven cowboy dorpje. Voor de rest bestaat het eiland uit vele kleine leefgemeenschappen met een ‘chief’ die regeert en aan wie je toestemming moet vragen om de gemeenschap in te mogen. De mensen zijn er ongelooflijk vriendelijk en gastvrij en de mañana mentaliteit van in Centraal-Amerika is er heel sterk aanwezig. Hier noemen ze het gewoon Feejee time! Heb er ook een kerkdienst meegevierd. Min of meer gelijkend op de dienst thuis, behalve dat er veel gezongen wordt en de priester tussendoor af en toe een grapje maakt. Op de terugweg naar Nadi nog een stop in Pacific Harbour gemaakt waar de Beqa lagoon is – with world-class scuba diving. Moest ik dus met mijn eigen ogen zien. En inderdaad, ben er naar een scheepswrak gedoken, 30m diep en dus dieper dan ik eigenlijk met mijn certificaat mag duiken en onderweg ook geweldig kleurrijke vissen, blauwe zeesterren en een white-tipped reef shark gezien. Duik nummer 10 zit erop, joehoew!

En zo heb ik mijn laatste 4 dagen op de toeristeneilanden doorgebracht. Gestart in de Yasawa groep (30 eilanden) waar de grotere en meer beboste eilanden gelegen zijn en geëindigd op Bounty eiland (helaas zonder enige bounty-snack aanwezig), één van de ‘party-eilanden’ in de Mamanuca-groep (32 eilanden). Heb er vooral gesnorkeld (Fiji heeft 10 000 km² koraalrif, waarin duizenden soorten vis, planten en dieren leven, te vergelijken met regenwouden qua biodiversiteit. Ideaal om te snorkelen dus!)en mijn huid een bruiner teintje gegeven.

Bij deze zit ook mijn Feeje time er reeds op en ben ik nu sinds 4 dagen in Sydney, Australië! Kangoeroetime!

Seqa na leqa!

donderdag 12 november 2009

El fin de Centro-America

Het is zover! Mijn 6 maanden Centraal-Amerika zijn voorbij! Het waren 6 maanden vol ontdekkingen en nieuwe ervaringen. Het zien van prachtige natuur, andere culturen, ontmoeten van rare en interessante mensen, ander eten, slapen in hangmatten, ontdekken van de onderwaterwereld en onbekende dieren,...

9 landen en allen heel verschillend. Cuba met z'n antieke auto's, de beste mojitos en salsa en de nog steeds zichtbare revolutionaire geschiedenis. Guatemala, het land dat me nog steeds het nauwst aan het hart ligt. Elke stad of dorp heeft er zijn eigen kleurrijke cultuur en indigine bevolking. Het is het land met de hoogste vulkanen waar ik de gloeiend hete lava zien stromen heb, waar ze de goedkoopste ijsjes hebben (en nog lekker ook), overvolle chickenbussen, waar ik mijn eerste aardbeving heb meegemaakt en de vliegende reuzenkakkerlakken ontdekt heb. Heb er tevens ook mijn leukste vrijwilligersprojecten gedaan.
Mexico, waarvan ik slechts een klein stukje gezien heb, staat nog steeds bekend om zijn corrupte politie, maar wel het lekkerste eten. Heb er mijn langste nachtbusritten gedaan en er de zotste bliksem gezien. Belize, mijn kortsdurende bestemming. Een duur land gekenmerkt door de rasta-cultuur met heel wat Amish gemeenschappen en ongerepte natuur. Caye Caulker was hier wel de mooiste plaats om te gaan snorkelen. In een tentje in de jungle overleefd op appelsienen en mango's. In El Salvador kwam ik mijn eerste nacht al meteen te weten dat het er gevaarlijker was. Het hotel sloot om 19u zijn deuren. Hoe dan ook heb ik me er buiten de grote steden geen moment onveilig gevoeld. Heb er halfnaakt uren door het woud getjoold na een paar sprongen van metershoge watervallen. De mooiste vlinders kan je er zien rondfladderen en de pupusas smelten in je mond. De recente burgeroorlog ligt nog steeds gevoelig bij de mensen.
Mijn eerste duik en ontdekking van de onderwaterwereld was in Honduras. Medicatie die ik opnieuw moet nemen doen me nog steeds denken aan de splinters in mijn voet daar. Door de coup heb ik er echter niet zoveel gezien als ik wou zien. Hoewel het armste land der centraal-amerikaanse landen, heb ik er de grootste gastvrijheid ervaren...
Nicaragua doet me terugdenken aan gekke flikken waar ik een nog zottere nacht mee heb doorgebracht. Aan een leuke groep mensen waar ik een tijdje mee heb samengereisd, aan een verlaten stukje paradijs met glitter-avonden. Heb in Nicaragua heel wat nieuwe kaartspelletjes leren kennen, gezommen in een kratermeer en verbleven op een vulkaaneiland te midden in een reusachtig groot meer. Het was eveneens het land waar ik het het moeilijkst had om vegetarier te zijn! Costa Rica blijft dan weer het groenste en meest verzorgde land (qua vuilnis op straat). Het was echter wel het meest verwesterde land. Waar je maar gaat, de ex-pats hebben er zich gesettled en ook de gecko's zijn er goed vertegenwoordigd.
En dan zijn we bij Panama aanbeland, alwaar de natuur nog zo onontdekt is en de trektochten daardoor wat anders uitlopen dan verwacht. Hoe dan ook blijven de natuurstreken hierdoor onverwacht mooi, heb ik slangen, salamanders en een giftige pad gevangen en mag ik zeggen dat ik hier waarlijk avontuurlijke dingen heb meegemaakt. Ik heb hier zeker ook de meeste regen gezien. Ver van de drukte van de stad en het kanaal (waar tientallen schepen dagen op hun doorgang liggen te wachten) leven de Kuna indianen een gans andere stijl in hun hutjes-gemeenschappen op de San Blas eilanden.
Tenslotte was er ook nog New York, een mooie afwisseling tijdens mijn reis. De grote stad leek minder chockerend dan verwacht, te meer omdat het er een mix is van heel wat culturen, talen en kleuren. Zeker een stad om nog eens opnieuw te bezoeken!

En zo begin ik me stilletjesaan klaar te stomen voor een nieuw avontuur in Fiji, Australie en Nieuw-Zeeland. Ik neem hier afscheid van de dingen die ik zo gewoon ben geworden met name spaans spreken, rijst met bonen, propvolle wildversierde chickenbussen, tss tss-geluiden op straat, wijzen met de lippen, lekkere kersverse fruitshakes,...
Maar het zal dan weer het begin zijn van heel wat nieuwe en ongekende zaken zoals 'goddeye mait', kangoeroes, indische kruiden ipv de hete spaanse pepers, samen reizen, oud en nieuw in de zon op het strand, een job, links rijden, the All Blacks, ...

Ik kijk er alvast naar uit en kijk met veel plezier terug op mijn reeds gedane route. Ben nog steeds heel content dit alles te mogen en kunnen meemaken. Touch wood...

KIA ORA!

Oja, de onbeantwoorde vraag...
Neeje, heb helaas geen Quetzal vogel kunnen spotten. Tzal voor de volgende keer zijn.

Nogmaals iedereen heel erg bedankt voor de leuke berichtjes. Tis altijd heel spannend en fijn om te lezen...

maandag 2 november 2009

Panama

Boquete
De streek om een paar goeie trektochten te doen! Helaas is er de laatste dagen al heel wat regen uit de Panamese hemel gevallen, maar het is dan ook nog steeds regenseizoen en ik wil en zal een Quetzal zien, de nationale vogel van Guatemala die ik daar niet gevonden heb. Mijn reisgids belooft me dat de 6u durende trektocht door het nationaal park 'volcan Baru' me mooie uitzichten zal opleveren alsook de Quetzal. Daarvoor wordt het pad ook Sendero Los Quetzales genoemd. Dus om 6u sta ik vertrekkensklaar om eerst een 3u durende busrit naar Cerro Punta te nemen alwaar mijn tocht aanvangt. Cerro Punta wordt terecht het kleine Zwitserland genoemd. Chaletjes tussen de bloemvelden en beekjes die door het landschap stromen.
Met de zon in mijn gat bereik ik na een uurtje klimmen tussen de geurende koffievelden de ingang van het park. Er hangt een blad aan de deur van het wachtershutje met de boodschap 'betreden op eigen risico'. De ingang van het park is meteen ook de ingang van de jungle. Er komen allemaal vreemde geluiden op me af en ik vraag me even af of het wel een goed idee was om alleen op trektocht te gaan. Ik word echter algauw vergezeld door de hond van de buren die bij me blijft tot ik de top van de berg bereik. Ik ontmoet er de parkwachter die me wat info verschaft over het pad en me waarschuwt dat de paden modderig en glad kunnen zijn door de hevige regenval van de laatste dagen. Hij reikt me een wandelstok aan en I am off again. Nog 4u te gaan voor ik terug in Boquete ben. Ondertussen is het lichtjes beginnen smuken (kwestie van mijn westvlaams te onderhouden). Na een halfuur bereik ik een splitsing. Links loopt het effectieve pad (te herkennen aan de houten blokken en de leuningen die af en toe aangelegd zijn), rechts is eerder een platgelopen aardeweggetje. Ik volg het aangegeven pad, maar kom even later uit op een groot dal vol rotsen. Het pad lijkt plots verdwenen. Ik besluit terug te keren en het andere pad uit te proberen. Het begint goed maar gaat dan echter over in een constante snelle en diepe daling. Ik moet me aan de bomen vasthouden en mijn wandelstok biedt me de nodige ondersteuning. Een moment echter slipt de aarde onder mijn voeten weg en ik val. Ik beland met mijn arm rond een boom, mijn voeten in het dal bengelend. Ik kan me gelukkig optrekken maar sta te trillen op mijn benen. Even geluk gehad daar. Ik begin stilletjesaan te beseffen dat dit het juiste pad niet kan zijn. Teruggaan lijkt me gevaarlijk en moeilijk, dus met een paar schaafwonden rijker daal ik verder af in de hoop dat ik terug op het juiste pad terecht kom. Ik begin lichtjes te panikeren wanneer ik merk dat de daling steeds moeilijker wordt en de bomen en planten dichter opeen geplakt staan. Het is een en al boom rondom me. Uiteindelijk kom ik aan de rivier, maar helaas geen wandelpad te zien. I am lost!

De enige logische optie is de rivier te volgen omdat ik weet dat die naar mijn eindbestemming leidt. De smuk is ondertussen overgegaan in lichte regen. Is de rivier wel een goed idee als het opeens hard begint te regenen, stel voor onweren? Het wordt steeds moeilijker om verder te gaan op de rotsen. Paniek hangt als een donderwolk boven me. Tot 2x toe keer ik terug en terug. Wat als ik hier niet uit geraak voor donker? Enkel de parkwachter en de hond weten dat ik hier ben. Ik roep en fluit in de hoop dat er iemand opdaagt die me de weg kan wijzen. Helaas, het zijn enkel de vogels die terugfluiten. Ik zie aan de andere kant van de rivier opnieuw voetstappen in de modder. Zolang dat er is, moet er ook een uitweg zijn. Het gaat even goed tot ik terug op de rivier uitkom en ontdek dat ik niet verder kan. Dit gaat zo even door en ik lijk nergens heen te gaan, hoewel mijn enige doel nu is voor het donker uit de jungle te geraken. Regen is nu hevig en het is reeds 16u. Op dit moment moet ik eigenlijk al terug in Boquete zijn. En daar zie ik plots weer een belopen paadje. Wonder boven wonder lijkt het uit te komen op het echte Quetzalespad. Fjuuuuw! Ik krijg weer moed in de benen totdat ik nog maar eens op de rivier uitkom en daar bovendien een pijl vind die naar de kant wijst waar ik vandaan kom met een infobord eronder "Boquete, 3u". Verdomme, ben ik echt weer verkeerd gelopen? De twijfel slaat toe en ik keer terug tot mijn gezond verstand zegt dat ik niet opwaarts moet maar de rivier mee moet volgen. En opnieuw maak ik rechtsomkeer. Ik steek de rivier voor de 14e keer over en daar staat plots een hutje. Een man steekt zijn kop buiten. Ik vraag of ik op goede weg ben en jawel. Beter nog, de weg en de exit is nog maar 15 min wandelen van mij verwijderd. Ik trek verder en tarara, een splitsing! Beide paden komen in het niets of op de rivier uit. Het is nu 17u, het begint donkerder te worden, ik zit tot aan mijn enkels onder de modder, ben doornat en heb het koud. De vermoeidheid na bijna 8u non-stop wandelen slaat toe. Ik keer terug naar de man (Miguel genaamd) en vraag om hulp. Hij stuurt zijn vriend Alexis met me mee, een 40-jarige man met zijn bovenste rij tanden kwijt uitgezonderd zijn rechterhoektand. Met zijn lange gele vissersjas en rubber laarzen doet hij me des te meer aan een karakter uit een horrorfilm denken. Ik ben echter vol hoop dat hij me uit de jungle krijgt en 10 min later is het einde van het bos en het begin van de weg in zicht. Het blijkt echter geen carretera te zijn, zoals Miguel zei, alwaar ik dacht auto's en bussen te zien passeren die me naar Boquete zouden terugbrengen. Nee, het is gewoon opnieuw een pad, maar iets breder en met keien bedekt. Het is uiteindelijk nog een uur klimmen tot de echte uitgang van het park. Het regent nog steeds pijpestelen en er is geen mens, auto, bus of huis te bespeuren. Enkel de ogen van de spinnen weerkaatsen in het licht van mijn hoofdlamp. Alexis belooft me ondertussen al een uur dat er gauw een dorpje moet zijn waar ik een taxi kan nemen. En hoewel ik blij ben dat hij er is, begin ik prikkelbaar te worden daar ik het gevoel krijg dat hij geen flauw benul heeft van waar en hoe ver het volgende dorp is. Bovendien is hij maar aan het ratelen en lijkt hij dit alles heel leuk te vinden. En dan is daar eindelijk de weg, blank door de regen en daardoor alle hoop wegnemend om een auto tegen te komen. Maar het lot is welgezind en in de verte zijn autolichten te zien. Ik sta bijna midden op de straat als een gek te zwaaien in de hoop dat de auto niet voorbij rijdt. Het werkt en zo beland ik veilig en wel terug in mijn hostel in Boquete.

Na een warme douche lig ik om 21u uitgeput in bed. Een warme douche is trouwens met alle eer op nummer 2 van mijn lijstje met deugddoende dingen beland. En wat hebben we geleerd die dag? Eerst en vooral, niet panikeren, logisch nadenken en verder kijken dan je neus lang is. Ten tweede, altijd je eerste gedacht volgen. De volgende dag voel ik elke spier in mijn lijf tegentrekken. Er komt een man naar me toe die de broer van Miguel, mijn redder, blijkt te zijn en gehoord had van mijn avontuur. Hij werkt voor de krant en vraagt me of ik mijn verhaal kan schrijven. Het is namelijk zo dat de overheid niets doet voor het onderhoud van het park en hij is al een tijdje bezig daar verandering in te brengen. Hij laat me bovendien weten dat er dit jaar reeds mensen gestorven zijn omdat ze verloren gelopen zijn. Slik. En zo beloof ik hem mijn verhaal te schrijven, ga op de foto en wie weet, word ik beroemd...hehe...

Na dit alles en na al die regen heb ik nood aan wat zon en zee. Ik beland voor 3 dagen in Bocas del Toro, een eilandengroep in de Carribean. Heb er zeesterren uit de zee gevist, gesnorkeld, rode kikkertjes gevonden en ben op de vlucht geslagen voor vervelende zandvliegen. Hoe vreemd het ook klinkt, vier dagen later sta ik alweer midden in het nevelwoud klaar voor mijn volgende trektocht...

Lost and Found hostel, La Fortuna
Een hostel gelegen in het nevelwoud, ook wel Cloud Forest genoemd, met een mooi uitzicht op vulkaan Baru en temidden van vele kolibri's die er rondfladderen, wasberen, eekhoorns, tarantula's, kikkers, salamanders en kleurrijke kevers. Ze passeren allemaal de revue en ik vind het geweldig om al die beestjes te zien! Het wordt nog interessanter wanneer 2 biologiestudenten uit Duitsland in de hostel arriveren met een boel dode en ook levende salamander- en kikkervangsten bij. Ze doen namelijk onderzoek in het woud naar nieuwe soorten. Ik besluit de volgende dag samen met hen op trektocht te gaan op zoek naar meer salamanders en kikkers en ook slangen. En jawel, we hebben meteen prijs. Na de vangst van een paar kleine slangetjes, waaronder ikzelf er een gevonden heb, blijkt op ons pad een van de giftigste slangen van het gebied te liggen, wachtend tot haar eten voorbij passeert. Het is een pitviper en ze moeten die nu zien te vangen met behulp van 2 wandelstokken. De adrenaline bij elk van ons schiet de hoogte in en ik sta vol spanning toe te kijken hoe de slang eerst op de vlucht slaat. Een beet van deze en je hebt nog maximum een halfuurtje te gaan. Ze is echter redelijk rustig en valt niet echt aan en de biologen kunnen haar even later mooi in de zak laten vallen. Ze blijkt uiteindelijk 1.18m lang, een van de grootste van haar soort! Ik vind het nog spannender wanneer ik voor het eerst een van de kleinere slangen in mijn handen kan houden. Het is mijn buddy, diegene die ik gespot heb, en tis een levendige met een mooie bruin-rode kleur. Mijn brrr-gevoel voor slangen is stukken gedaald en vind het nu zelfs een leuk gevoel. Ik kan niet wachten tot ik de volgende dag opnieuw mee kan op hike. Bovendien moet je weten dat ik ook een grote pad gevangen heb. Die zat 's avonds op mijn weg naar de slaapkamer. Zo'n grote pad had ik nog nooit gezien. Ik wou en zou hem vangen om hem vol trots aan de anderen te tonen. Dus ik zit hem achterna, waarbij hij een soort vloeistof spuit. Vreemd, denk ik, wist niet dat padden dat konden. Soit, ik krijg hem te pakken en apetrots ga ik hem aan de anderen gaan tonen. Een van de biologen springt echter meteen recht en zet de pad weer in het gras. Blijkt dat de pad heel giftig is. Sjiet, en nu? Handen goed wassen en 't is in orde... Dan heb ik eens een reus van een pad gevangen...

zaterdag 17 oktober 2009

New York - Costa Rica


Geen muggen die met 30 tegelijk mijn voeten en benen aanvallen. Geen cucarachas die je 's nachts rond het bed hoort kruipen. Wel meteen weer 4-laagjes-kledij en rondom je gigantische wolkenkrabbers: New York City, baby!! De stad van de take-away-koffie, de joggers, de movies en de grootste mix van culturen, talen en stijlen. De metro vol lezende, slapende en muziek-luisterende mensen bleek de plaats om mensen te kijken voor mij. Voor het eerst vond ik het fijn om met de metro te reizen.


Samen met Wouter ben ik een weekje the Big Apple gaan verkennen. Het was even afwachten hoe de grote stad zou aanvoelen na 5 maanden van kleine dorpjes en zandweggetjes, maar het voelde vrijwel meteen heel goed aan. De grote drukte die ik er verwacht had was zo erg nog niet. De eerste dagen hebben we rondgelopen in 'the financial district' en omgeving, het hart van de financiéle markt en het begin van het begin in NY in de jaren 1620. Wall street zag er betrekkelijk rustig uit. De Brooklyn Bridge, waarbij velen de dood zagen tijdens de bouw, liep dan weer vol van toeristen. Lady Liberty staat ook nog steeds mooi te wezen en King Kong was helaas niet meer op z'n geliefde Empire State Building te bespeuren. Het echte drukke leven vind je rondom en op Times Square en Broadway, vol met grote lichtgevende reclamepanelen en mensen die je uitnodigen een show mee te maken. Zo zijn Wouter en ik gratis en voor niets en heel toevallig in het publiek van de David Lettermanshow beland. Aanwezige bekenden: Tom Hanks en Sienna Miller. Wiiii, ik heb Tom Hanks live gezien!!! (Voor de mannelijke lezers: Sienna ziet er in het echt nog beter uit. Hoewel anderen daar ook anders over denken, hehe).

Voor de rest was het vooral rondwandelen en verbaasd staan van de grootte van de gebouwen, de architecturele hoogstandjes, de mannen in maatpakken,... We zijn tenslotte nog naar een basketbalgame van de NY Knicks gaan zien en om de verkeersdrukte wat te vermijden bleek Central Park de ideale plaats. Een gigantisch groot park, waarvan we wellicht nog niet eens een derde gezien hebben, maar gezellig en rustig en een mooie skyline op de achtergrond. New York is werkelijk de stad die nooit slaapt (hoewel ik dat daar wel veel gedaan heb) en zeker de moeite waard voor een bezoekje. Ben blij dat ik het gezien heb en W, ben blij dat je er was. Dankoewel!


In the meanwhile I am back in Costa Rica. Het meest verwesterde land van Centraal-Amerika, vol van Amerikanen die er wel 't een of 't ander in bezit hebben, een stuk duurder dan de andere landen, maar wel het groenste land tot nu toe. De Tico's (respectievelijk de inwoners van CR genaamd) zorgen terecht goed voor hun natuur. De stranden zijn er eveneens echte pareltjes. Voor je de grote mooie wilde oceaan, achter je de jungle.


Mijn dagen in Centraal-Amerika korten ondertussen in. Binnen een paar daagjes hoop ik mijn laatste bestemming hier aan te doen: Panama. En kijk ik uit naar een weerzien met mijne mutti.

Wil bij deze ook nog eens iedereen bedanken voor de berichtjes op mijn blog of de fotosite en eveneens de mailtjes. Blijven doen, wil je!?


See ya of nee, beter: read ya...

vrijdag 9 oktober 2009

NY

Start spreading the news...
I´m leaving today...
I´m gonna be a part of it,
New York, New York.

vrijdag 2 oktober 2009

Op naar Costa Rica

Na 4 weken reizen met een boel geweldig interessante en leuke mensen, ga ik morgen weer alleen verder. Vreemd hoe snel je tijdens het reizen een band krijgt met medereizigers. Iedereen zit min of meer in hetzelfde schuitje, heeft hetzelfde doel. En Nicaragua lijkt ook het land waar je oude bekenden opnieuw tegenkomt. Zo ben ik voor de 2e keer Paul tegen het lijf gelopen. Paul is een 74-jarige man van Alaska die een wereldreis aan het maken is. Iemand om te bewonderen.
Aangezien ik in Granada tijdens de week aan het werk was als vrijwilliger, werd mijn reizen beperkt tot weekenduitstapjes. Zo zijn we met z´n allen naar San Juan del Sur geweest en Isla Ometepe.
San Juan del Sur is een idyllisch badplaatsje gelegen in een mooie grote baai en omringd door heel wat verlaten surfersstranden. De golven rijzen torenhoog uit de oceaan en zijn spectaculair om te zien, maar o zo gevaarlijk om in te zwemmen. De stroom is zo sterk dat je er gemakkelijk in meegesleurd wordt.
Isla Ometepe is dan weer een eiland gelegen in het meer van Nicaragua (148km lang en 55km breed) en heeft 2 vulkanen. Concepcion, de grootste van de twee is perfect gevormd en is bijna altijd omringd door dikke wolken die als een kapje de top bedekken. Het eiland is een goeie plaats om tot rust te komen en te genieten van mooie uitzichten op beide vulkanen. Zwijntjes en paarden lopen er heen en weer op straat (straat lees: aardeweg) en alles lijkt wat achter te lopen op de tijd. We hebben er verbleven op een koffieplantage, hebben een stukje van de vulkaan beklommen en het eiland verder ontdekt op de mountainbike. Eindelijk weer eens een fietszadel onder mijn kont...

Voor de rest ben ik dus in Granada gebleven waar ik vrijwilligerswerk gedaan heb bij de organisatie Building New Hope die 2 schooltjes opgestart heeft in de armere buurten van Granada. Ik heb er 2 weken meegeholpen in het ene schooltje alwaar ik voornamelijk 3 van de oudere leerlingen hielp met hun huiswerk. Mijn chemie, wiskunde en aardrijkskunde is voor de moment weer up-to-date. Verder was ik ook nog leerkrachtassistente bij de jongere leerlingen en kon ik knutselen met de allerkleinsten. Het is nog steeds heel aangenaam hier om met kinderen te werken. Ze zijn zo blij, vliegen je in de armen en zijn echt geínteresseerd in waar wij gringo´s vandaan komen, wat we doen thuis, waar onze familie is,...

Wat Granada zelf betreft kan ik het wat vergelijken met Antigua in Guatemala. Een koloniaal dorpje, huizen met prachtige gevels en zuilen, mooie kleuren, koetsen die dienst doen als taxi. Ook heel wat mooie kerken, allen uitgezonderd 1 gebouwd aan dezelfde kant van de stad (Granada was vroeger verdeeld in 2 delen: deel waar de indigene bevolding leefde en nog steeds leeft en deel waar de rijkeren en de Spanjaarden woonden). Men zegt trouwens dat hoe blanker de mensen hier zijn, hoe rijker...

Afijn, mis amigos, espero que todo va bien.
Besos y saludos

maandag 14 september 2009

Nicaragua, dag 126

Het drong zonet even tot me door: ben vandaag reeds 4 maanden en 2 dagen onderweg. In Belgie is het weer volop schooltijd, de dagen beginnen stilletjesaan te korten, de blaadjes zullen straks weer allerlei kleuren aannemen om hun vertrouwde boom te verlaten... Aan deze kant van de wereld lijkt de zon eeuwig te schijnen, geeft de regen af en toe de nodige verfrissing en is Nicaragua tot nu toe het warmste land in Centraal-Amerika (bepaalde plaatsen toch).
Op 25 augustus ben ik dan zonder stempelproblemen Honduras uitgewandeld en in het grootste land beland. Nicaragua ligt op een kruispunt van 3 continentale platen en creeert daarmee een prachtig vulkanisch landschap (totaal van 28 vulkanen, waarvan 6 nog steeds actief), maar eveneens een verwoestend beeld van de vroegere aardbevingen en uitbarstingen. In tegenstelling tot de andere landen is niet voetbal maar honkbal nummer 1 sport.

Mijn eerste halte was Esteli, een klein aangenaam stadje met vooral in de omgeving interessante bezienswaardigheden. Zo ben ik naar de Somoto Canyon gegaan, een nationaal monument, slechts een 10-tal jaar geleden ontdekt door een buitenlander dan nog. Je kan slechts een paar kilometer te voet door de rotsformaties wandelen en daarna is het zwemmen geblazen.
Miraflor, een groot natuurreservaat waar slechts een aantal gemeenschappen leven leverde me een waar avontuur op. De bewoners doen er aan ecotoerisme; ze kweken alles zelf, alles organisch (en vegetarisch) en er is geen elektriciteit of stromend water. De nodige energie komt van de zon en van paarden! Heb er een heel interessante rondleiding gekregen over het gebruik van de aanwezige planten, bloemen en bomen voor medicinale doeleinden. Goed voor het geval ik ooit eens in de jungle vast kom te zitten, zo dacht ik. Nog maar goed en wel gedacht en onze enige bus terug naar de stad (en de hostel) blijkt niet af te komen. Krijgen te horen dat dit wel vaker gebeurt... Terug naar de stad wandelen blijkt geen optie: 5u wandelen, pikdonker en gevaarlijk. De nachtwakers (aka politie) van het domein laten ons weten dat er om 20.30u zeker een auto passeert die naar de stad terugkeert en ons kan meenemen. Joepie... Dus we wachten wat bij hen op een bankje voor hun wachthutje en praten wat in het rond. 21u echter nog geen auto te zien. De tijd gaat langzaam voorbij en geen mens, auto, paard en kar die voorbij komt. Het is ondertussen donker en koud geworden, we zitten zonder eten en warme kledij en die 2 politiegasten blijven ons maar wijsmaken dat de auto zal passeren. Na 6u wachten zijn we echter moe en beseffen dat we de nacht met vier op het bankje zullen moeten doorbrengen. De bewakers bieden ons heel vriendelijk hun bedden aan, 1-persoonsbedjes, staken palen en een laken dat dienst doet als matras. Het voelt vreselijk aan. De bewakers blijven voort leute maken en lijken gek te worden van de koffie en sigaretten waarvan ze leven. Wanneer alles eindelijk wat rustiger begint te worden, horen we buiten schoten en geroep. Het lijkt alsof ze net naast ons bed staan te schieten en te schreeuwen. Het is er nog steeds pikzwart (geen elektriciteit) en we zien geen steek voor ogen. Mijn hart gaat zodra uit mijn borstkas springen. Wat steken die mannen uit? Je moet weten dat men hier met wapens rondwandelt alsof het speeltjes zijn. Ze richten op alles en nog wat zonder het te beseffen. Slapen zit er voor mij duidelijk niet meer in en ik hoop dat het snel licht wordt en ik de eerste bus kan opspringen.
Uiteindelijk werd het dan ook licht, passeerde de eerste bus en bleek het geschiet een dief te zijn die de gewassen wou stelen (HUM?).

Na die ervaring verder getrokken naar Matagalpa en een mooie trektocht gedaan door de koffievelden (koffie is een van de hoofdexportproducten).

Leon, de vroegere hoofdstad, was het centrum van hevige gevechten in de revolutie van '78-'79 en is gekenmerkt door monumenten, museums en gevangenissen. Verder zijn er 12 koloniale kerken te vinden. Even buiten Leon ben ik de Cerro Negro gaan beklimmen, de jongste vulkaan in Nicaragua (1850) en sindsdien reeds 450m gegroeid. Ben er met een soort snowboard vanaf gegleden. Leuke ervaring en kan nog steeds lavastof uit mijn oren halen, hehe.

Los Zorros: een stukje paradijs! Verlaten strand, prachtige oceaan (eindelijk voor het eerst sinds mijn reis de Pacific bereikt), gekke eigenares, zwemmen onder de volle maan, heerlijk eten van Mami, spelletjes a volonte, kortom 3 dagen genieten van een mooie omgeving en leuke mensen. Sindsdien ben ik ook Spaanse les gaan geven aan mijn medereiziger, een professionele masseur, in ruil voor massages. Aangenaam en pijnlijk tegelijkertijd.

Masaya: zit eindelijk door mijn sandalen en ben een regenjas armer (vergeten in Leon). Doel: nieuwe sandalen vinden en er is geen betere plaats dan Masaya, het stadje van folklore en handgemaakte spullen. Verder ook gezommen in Laguna de Apoyo, een 6km groot kratermeer. Leek alsof ik in een meteoorgat aan het zwemmen was. Men weet nog steeds niet hoe diep het meer is.

En momenteel ben ik in Granada en kan ik normaalgezien woensdag opnieuw aan de slag als vrijwilliger.

vrijdag 21 augustus 2009

Utila, Honduras


Ahoi schippers!
Dag nummer 18 in Honduras, nog steeds zonder stempel maar wel een duikbrevet rijker, woehoew!! Het is haast onbeschrijflijk wat een geweldige ervaring het is om de onderwaterwereld te verkennen. Met enkel je eigen ademhaling op de achtergrond is het rustig in het water hangen en de vissen (waaronder wel 100-en Dory's), schildpadden, inktvissen en koralen bekijken en op zoek gaan naar verborgen onderwaterschatten. Alles is er ook heel kleurrijk. Heb ondertussen 8 duiken in mijn gloednieuwe logboek staan en hoop dat er nog een paar bij mogen komen in de loop van mijn reis. De regel geldt dat je je 100ste duik naakt doet, ben ik te weten gekomen toen ik tijdens mijn eerste duik een bende naakten zag passeren. Helaas zat er de laatste 2 dagen geen duik meer in voor mij aangezien ik zo nodig overal op mijn blote pekkels moest rondtjaffelen en mezelf 5 grote splinters in mijn voet cadeau heb gegeven. Gevolg, antibiotica-pillen en voet in de lucht houden... Maar toegegeven is het wel leuk en lekker relaxed om wat langer op dit eiland vast te hebben gezeten.

Wat de politieke situatie in Honduras betreft, heb ik er momenteel geen idee van aangezien ik me al een week op dit eiland bevind en geen mens het hier iets lijkt te deren. Voor ik hierheen kwam heb ik 3u in de bus vastgezeten omwille van een manifestatie van de Zelaya-tegenhangers. Die moesten zonodig de straten blokkeren met vlaggen en sjaals van Che als eye-catcher. Het is wel opvallend dat er heel weinig toeristen op het vasteland zijn, wellicht door de situatie. Voor de rest heb ik nog Copan bezocht, de laatste van de grote Maya-ruines en een paar kleine dorpjes onderweg. Honduras heeft ook 4-0 gewonnen tegen Costa Rica wat hier een grote feestuitbarsting met zich meebracht. Voetbal blijkt voor alle Hondurezen namelijk topprioriteit. Iedereen komt de straat op, gaat op cafe en verdoet zijn laatste centen aan bier.

Morgen verlaat ik dit eiland en gaat het rustig aan richting Nicaragua.
I leave you and I love you!

vrijdag 7 augustus 2009

Semuc Champey, Guatemala - El Salvador

Twee weken vol avontuurtjes en avontuurlijke toertjes... Te beginnen met mijn rit van het klein stukje Caraïbische kust van Guatemala naar Lanquin waar de waterbaden van Semuc Champey gelegen zijn en alsook het eindpunt van mijn Guatemala-trip. Na 5u in een minibusje met veel te veel mensen en op veel te smalle hobbel-de-bobbel-wegen blijken de chauffeur en zijn helper er genoeg van te hebben en niet verder te rijden dan Cahabon, een minidorpje waar geen slaapplaatsen zijn, ik wellicht de eerste toerist ben die ze in lange tijd nog gezien hebben en nog meer dan een uur (met bus) van Lanquin, mijn eindbestemming, verwijderd. De laatste bus naar daar was helaas een uur geleden vertrokken en de avond is in zicht. Taxi is geen optie, want hopeloos duur en ook de voorbijrijdende auto´s blijken afzetters eerste klas. Geen denken aan dat ik veel te veel geld ga betalen voor een rit van een uur. Dus besluit ik maar te gaan lopen, hopend dat er misschien auto´s mij voor minder zullen meenemen of ik eventueel een volgend dorpje zou tegenkomen. Veels te zot te bedenken dat ik een 17 kilo wegende rugzak bij heb en de ganse rit me te voet wellicht een halve dag zou gekost hebben en er alleen maar jungle en af en toe een hutje/huisje langs de weg te vinden was. Maaaaar, ik had het geluk dat na 5 min lopen een pick-up stopte. Niet denken, gewoon opstappen, maar met een ietwat snel kloppend hart. Voor de eerste keer liftend achterop nen pick-up wist ik niet goed wat me te wachten stond. Zouden ze me binnen een paar km gewoon weer droppen?... Elke keer de chauffeur snelheid minderde om over een grote put te rijden, kreeg ik toch beetje schrik. Enige wat me wat zekerheid gaf, was dat ze onderweg nog een andere lokale man meegepikt hadden en ik dus gezelschap had. Veel werd er echter niet gezegd, want het was vasthouden aan de truck om er zeker niet af te vallen. Ondertussen was het ook allerlei worst-case-scenario´s bedenken... Maar de chauffeurs bleken vriendelijke mannen die me mooi aan mijn hostel afgezet hebben. Heb daarbij wellicht het beste zicht gehad over de ganse Altaverapaz-streek en een gratis trilband-massage tegen de cellulit (of hoe noemen ze dat ding ook alweer?). Vond het dus allemaal toch wel een beetje spannend... Als klap op de vuurpijl kom ik in de hostel aan en blijkt alles volzet te zijn. Enige wat ze nog kunnen bieden is een hangmat. En voila, zo ben ik weer een ervaring rijker, hoewel niet bepaald handig om een ganse nacht in door te brengen. Pintjes zijn een goed hulpmiddel...
De dag nadien dan een geweldige Semuc Champey-ervaring gehad, bestaande uit een zwemtoer door grotten met kaars in de hand, een stukje rivier afvaren op van die grote banden, springen van hoge bruggen en watervallen en eindigen al zwemmend in de baden. Een mooie afsluiter van mijn toch wel anderhalve maand trek in Guatemala.

Vorige week ben ik dan in El Salvador beland. Na de grensovergang tegen de avond in mijn hotelletje in Santa Ana terechtgekomen. Na een lange busrit is het dringend etenstijd, maar als ik wil vertrekken laat de uitbater me weten dat ik best snel terug ben. Ze sluiten namelijk om 19u de deuren omdat het een gevaarlijke buurt is (Je moet weten dat het in Centraal-Amerika altijd rond 18.30u reeds donker is). Hmmm, is El Salvador dan toch zo gevaarlijk als men zegt? Nope, het is het land van de pupusas, maïs, vlinders, watervallen, busfluiters, lama´s (respectievelijk zowel mannen als vrouwen die overal in het rond spugen) en wel degelijk heel lieve mensen. Het woord 'gringa' begin ik wel beetje bij beetje beu te geraken; de US invloed is hier heel groot en men denkt dan ook dat elke toerist nen amerikaan is. Maar goed, naast het beklimmen van de grootste vulkaan, Santa Ana, met het gifgroene meer in haar krater die nog steeds borrelt en gassen spuwt, heb ik ook de door National Geographic verkozen 7-watervallentocht gedaan (naar zeggen een van de beste trektochten van 2008). Doel: hiken door en rond Parque El Impossible, van 7 watervallen jumpen en langs de rivier verder trekken en klimmen. Na 4 sprongen begint het echter water te gieten. We moeten op een gegeven moment de rivier oversteken, maar ik zie de gidsen wat ongerust kijken. Eens de overkant bereikt, is 2 min later de steen waarop ik daarnet stond al niet meer te zien. Door de hevige regen is de rivier een waterval op zich geworden, enorm gestegen en aan kracht toegenomen. Op de koop toe kunnen we door dit alles onze weg niet meer verder zetten, omdat de rivier die blokkeert en ingenomen heeft. We zijn dus uiteindelijk genoodzaakt om ons een weg door het oerwoud te kappen (daarom dus dat ze hier allemaal machetes hebben, hehe) om de hoofdweg te bereiken. Het moet een grappig zicht geweest zijn, 5 halfnaakte kletsnatte toeristen klimmend door de jungle. Begon echter behoorlijk onderkoeld te geraken en bliksem en donder vergezelden even later de regen. Niet echt veilig gevoel als je omringd bent door duizenden bomen of lopend door maïsvelden. Zagen namelijk een boom geraakt door de bliksem in het dal vallen, andere bomen meesleurend; rrrrr...). Na 7u trekken en klimmen en zoeken eindelijk weer de hostel bereikt. Als je van een avontuurlijke tocht spreekt...
Voor de rest van de dagen in El Salvador het rustig gehouden. In Juayua een eetfestivalletje meegepikt. Allemaal kraampjes met traditionele en ook buitenlandse gerechten. Helaas iets te veel vlees naar mijn goesting. Daarnaast ook een groot stuk geschiedenis van de burgeroorlog gezien in Perquin en El Mozote (een dorpje waar ze iedereen uitgemoord hebben op een vreselijke manier).

Ondertussen mag ik sinds 3 dagen land nummer 6 op mijn lijstje aankruisen, namelijk Honduras.
Voorlopig nog geen relletjes of what so ever meegemaakt, maar verwacht dit ook niet meteen... Enige wat momenteel wat problemen kan geven is dat ik illegaal in het land ben, omdat ze mij bij de grensovergang geen stempel gegeven hebben. De aanwezige douane-mannen leken iets achterlijker dan hun collega's en zaten maar naar mijn paspoort te staren om dan gewoon mijn naam op een papiertje te schrijven en mij een goeie reis te wensen. Ga voor de zekerheid dus maar een immigratiekantoor opzoeken...

woensdag 22 juli 2009

Belize...

...een relatief jong land (onafhankelijk sinds 1981) met nog heel veel ongerepte natuur. Slechts 300.000 inwoners waarvan het merendeel Creools (met de vele rasta-ja-mannen), maar evenzeer Chinezen die er hun winkeltjes hebben en hier en daar wat Amish gemeenschappen. Er zijn drie hoofdwegen die de grootste steden met elkaar verbinden en voor de rest vind je inlands alleen maar jungle, appelsien- en bananenbomen rondom je. Hoewel ik dacht dat ik in Flores in de jungle was, vind je in Belize pas echte hardcore jungle. Er zou zo een t-rex kunnen opduiken... Heb er een nachtje in een tentje doorgebracht alwaar ik op zoek ben gegaan naar appelsienen en mango´s als avondeten. ´s Nachts gelukkiglijk de zware onweersbui overleefd. Avontuurlijk, niet? Er ook de pikzwarte grotten van de maya´s bezocht, die dachten dat dit de doorgang naar de onderwereld was. Vanuit de jungle ben ik dan richting kust getrokken, meer bepaald Caye Caulker, een van de honderden eilandjes voor de kust. Meteen een heel verschil in sfeer, namelijk palmbomen, wit strand, reggae (zelfs het busstation is er in de rastakleuren geschilderd en overal kom je Bob Marley tegen) en de caraibische azuurblauwe zee met z´n uitgestrekt koraalrif (2e grootste ter wereld heb ik me laten zeggen). Ideaal om er te snorkelen, wat ik dan ook gedaan heb. Heb er gezwommen tussen twee zeekoeien, roggen, kleine haaien, schildpadden en de vele kleurrijke vissen die in het koraal wonen. Een echt Finding Nemo-momentje. Voor de rest was het luieren in de hangmatten, bakken in de zon en heel veel op bus en bootjes zitten. Heel veel is er verder niet te beleven en Belize is ook een relatief duur land. Na een klein weekje ben ik nu voor de 3e (en wellicht laatste) keer in Guatemala beland om er de laatste dingen te bezoeken. Van Livingston, alwaar ik nu ben, trek ik verder naar Rio Dulce, Coban en Semuc Champey om dan Guatemala achter mij te laten en El Salvador tegemoet te treden. De gemoederen in Honduras geraken nog steeds niet opgelost, maar het zal mij verdorie niet deren, ik wil er graag mijn duikbrevet halen...Ha!
See joeeee
!

maandag 13 juli 2009

Flores, Guatemala

Schatjes van patatjes,
een tijdje geleden dat ik nog iets van me laten horen heb, maar ben terug.
Terwijl velen onder jullie momenteel wellicht aan het genieten zijn van een welverdiende conge of een van de vele festivals, heb ik de voorbije weken vooral in de jungle doorgebracht. Na Oaxaca, Mexico, ben ik naar Palenque getrokken om er mijn eerste Maya-tempels te gaan bezoeken. Midden in de jungle doemen er plots reusachtige oude bouwwerken voor je op. De luchtvochtigheid is bovendien meteen te voelen; zweten maar! Na 16 dagen Mexico was het opnieuw tijd de grens met Guatemala over te steken, richting Flores en Tikal.
Tikal, opnieuw een ongelooflijk grote oppervlakte van jungle en Maya-ruïnes. Een mooiere parel dan Palenque, maar dat is mijn mening. Na er 7u rondgetjoold te hebben, de gebouwen beklommen te hebben heb ik mijn zoektocht (die ik al in Mexico begonnen was) naar de toekan met succes beeïndigd. Eindelijk was ´m daar, al zingend in een boom, totaal onverwachts. Woodie Woodpecker was er trouwens ook bij. Ongelooflijk wat voor beesterij je in de jungle vindt...

Flores is dan weer een minuscuul eilandje gelegen in Lago de Peten Itza met een heel rustgevende aangename sfeer. Het is er genieten van mooie zonsondergangen, sterrenhemels en een duik in het warme water. Na 4 dagen genieten was het tijd om weer aan het werk te gaan. Even verder in het meer vind je er een ander eilandje waar Arcas zich bevindt, een opvangcentrum voor wildlife. Ben daar nu bijna een weekje aan het werk als dierenverzorgster voor apen, papegaaien, kleine jaguars, biggetjes, kokodrillen, bambi-tjes,...noem maar op. Zelfs diersoorten waar ik nog nooit van gehoord heb. Het centrum is gelegen temidden de jungle en tvalt ondertussen te zien aan mijn benen. Het is geen ontsnappen aan de talrijke muggen en plotse regenbuien. In mijn slaapkamer vliegen de vleermuizen me om de oren en net buiten de slaapkamer vind je 2 grote tarantula-gaten. ´s Nachts komen ze dan even hun kop buiten steken, brrr. Daarnaast zijn er ook verschillende soorten slangen te spotten (waaronder de ratelslang), giftige bomen (tenminste als je er tegen loopt, dan loop je brandwonden op, maar moest ik nu ook eens weten hoe ze er uit zien...) en heel veel bijtende insecten. Maar het is een ongelooflijke ervaring en toch ook een beetje een droom die uitkomt om met dieren te mogen werken. Ben ook helemaal into het marshmellow-kampvuur-gebeuren gedompeld.

Het wordt echter stilletjesaan tijd om weer verder te trekken. Woensdag wil ik graag Belize bereiken om er enkele dagen wat rond te trekken. Daarna wordt het wellicht weer Guatemala, voor de laatste keer. Maar het is afwachten hoe de toestand in Honduras zal zijn. Er lopen geruchten dat de grenzen gesloten zijn. Bon, zien we dan wel weer. Saluuuuutjes!

dinsdag 30 juni 2009

Oaxaca, Mexico

Het grootste nieuws van deze week: Wacko Jacko is niet meer... en men zal het hier geweten hebben. Overal waar je komt draaien ze wel een of ander liedje van de man. RIP, hombre!
Wat betreft Oaxaca city: grote stad, overal kraampjes met zowel eten als allerlei spulletjes of lokale kledij, heel wat zilverwerk (grootste exportland van zilver), marktplaats waar nog steeds elke dag een manifestatie gehouden wordt en evenzeer omgeven wordt door terrasjes waar de mensen gezellig van hun koffie nippen. Door de straten galopperen er geregeld feestende mensen met een gay parade als afsluiter. Het is een veeleer moderne stad, maar met een groot vleugje cultuur en geschiedenis. Hier en daar rijzen kerken en gebouwen in barokke stijl boven de kleine kleurrijke huisjes uit. Met als klap op de vuurpijl geweldig veel toeterende kevertjes die door de straten vlammen.
Naar eten toe, dan is de specialiteit hier gegarandeerd de 'mole', een saus bereid met 17 verschillende ingrediënten waaronder de huisgemaakte chocola. Hét drankje is dan weer de 'Mezcal', lijkend op tequilla, maar heel wat meer rokerig! Muy fuerte! Verder heb ik ook de mogelijkheid gehad om een grasshopper te proberen, een soort insect die je moet eten als je ooit terug wil keren naar Oaxaca (zo zegt de legende), maar waarvoor ik toch maar vriendelijk gepast heb. Jawel, ben nog steeds veggi...

Mijn zoektocht naar vrijwilligerswerk is wat in mineur geëindigd. Men vindt het hier namelijk erg vreemd dat iemand zijn hulp aanbiedt zonder er iets voor terug te vragen. Wat volgde waren vele gesprekken, maar mijn tijd hier was helaas ook beperkt. Uiteindelijk ben ik wel weer aan de slag gegaan als juf engels, dit keer voor meisjes tussen 19 en 30 jaar die hier in een soort home verblijven terwijl ze studeren aan de unief. Onze opdracht bestond erin om hen op een spelende, leuke manier wat engels bij te brengen. Ze krijgen echter ook spaanse les. Er leven hier namelijk nog heel wat indigene volkeren, afstammend van de Azteken of de Maya's, die hun eigen taal spreken en bijgevolg weinig tot geen spaans spreken laat staan schrijven (was trouwens ook zo in Guatemala).

Om er even van tussenuit te kruipen, ben ik dit weekend op toer geweest. Ik mocht een van de grootste bomen ter wereld aanschouwen in El Tule, zien hoe men hier de traditionele tapijten weeft, de ruïnes van Mitla bezoeken, zwemmen in zwembaden met een prachtig uitzicht op het Mexicaanse landschap en afsluiten met een Mezcal-proeverij.
Als afsluiter kan ik jullie nog vertellen dat België niet echt bekend is onder Mexicaanse (alsook Guatemalteekse) bevolking. 1 ding herinneren ze zich echter allemaal als ze 'Belgica' horen: onze eigenste echte "Jean-Claude Ban Dam".
Voila, er wacht me binnen enkele uren opnieuw een 15u durende busrit naar Palenque. Ik bereid me ondertussen al voor op de 10-tallen politiecontroles onderweg. Je kan tenminste zeggen dat de flikken hier 's nachts wel degelijk werken, hehe. :o)

Marriachi!!

maandag 22 juni 2009

Mexico, San Cristobal de las casas


Totaal ongepland, maar ik ben in land nummer 3 op de lijst aangekomen. Mexicoooo, wohoooo. Na een busrit van 12u leek San Cristobal een betoverend stadje. Heel wat moderner hier dan in Guatemala, de huizen zien er meer als echte huizen uit, je kan hier overal kleine cafeetjes vinden (a.i. beenhouwersstraatje), het park is mooi verlicht (alsof het hier reeds kerstmis is), meer gadgets, sjiekere auto's en betere wegen. Het weer heeft echter wat van zich laten afweten met heel wat regen tot gevolg. Bovendien is het ook betrekkelijk frisjes hier als de zon zich achter de wolken verstopt.

Na verkenning van de stad en het eten van een lekker stuk chocoladetaart op mijn verjaardag, ben ik gisteren op daguitstap geweest naar Sumidero Canyon. Een prachtig stukje natuur. Op een speedbootje tussen de 1000m hoge rotsen een ontdekking gedaan van krokodillen, spidermonkeys, watervallen en heel wat ooievaars. Hoe je het ook draait of keert, ik kan niet meer op de nederlandse vertaling van Canyon komen, begin af en toe mijn nederlands te verliezen, waaaaa help! Als iemand mij kan helpen, graag.

Vanavond gaat het richting Oaxaca, alwaar ik opnieuw wat aan het werk wil...
Tot zover dit kort verslagje. Ik wil graag nog iedereen bedanken voor de fijne reacties op de blog en de verjaardagswensen, -mails, -kaartjes, ...

maandag 15 juni 2009

Xela

Goeiemorgen of bij jullie reeds goeieavond...
Hopelijk zijn de stemperikelen ondertussen al wat verdwenen en is iedereen toch tevreden over het resultaat. Ik ben momenteel nog steeds in Quetzaltenango of ook wel ´Xela´in de volksmond. Het lijkt voor heel wat mensen ongelooflijk moeilijk om uit dit stadje te vertrekken en dat blijkt ook voor mij zo te zijn... Xela is de tweede grootste stad van Guatemala, maar je kunt alsnog bijna alles te voet doen. Het is omgeven door heel wat groene heuvels en rarara, opnieuw vulkanen, waarvan de gevaarlijkste van Guatemala, Santiaguito, die dagelijks z´n gas uitspuwt. De mensen zijn hier voorts ongelooflijk vriendelijk en het eten is hier heel lekker. Iedereen is in de ban van salsa, waar ook ik al een paar keer mijn steentje bijgedragen heb. Ik heb hier ook een nieuw vrijwilligersproject gevonden, genaamd El Nahual. Het betreft eigenlijk heel wat verschillende taken, maar in eerste instantie wordt er engelse les gegeven aan de lokale kinderen. Zo mocht ik woensdagvoormiddag een fietstocht ondernemen naar een schooltje even buiten Xela. De fietstocht was niet zo evident aangezien het hier bergop, bergop, bergop en nog eens bergop gaat. De mountainbikers en coureurs zouden hier alvast goed kunnen oefenen. Aangekomen in het schooltje, kwamen de kindjes meteen naar ons toegelopen. Het leek een beetje alsof je op tv de kindjes in Afrika altijd blij ziet, zo voelde ik het aan. Dan mocht ik voor 2 klasjes een halfuurtje juffrouw engels spelen. Heel basic, maar wel leuk. Ook voor mij een goede oefening om de ´th´deftig uit te spreken. Helaas kregen we het slechte nieuws te horen dat er in Guatemala opnieuw enkele gevallen van mexicaanse griep vastgesteld zijn en daardoor de scholen voor 2 weken dicht gaan. In plaats van les te geven, ben ik gaan helpen met het bouwproject die nog steeds in een heel primair stadium zit. Het komt erop neer om grote stenen van de ene plaats naar de andere te verplaatsen. Naast het bouwproject hou ik me ook bezig met werken in de moestuin die de school heeft. Een manusje-van-alles dus... Om mij nog wat verder bezig te houden met kinderen, ga ik elke avond naar het park om 2 kindjes te vergezellen. Zij verkopen allerlei snoep en sigaretten aan de mensen in het park en het meisje is heel leergierig om engels bij te leren. Voorts breng ik voor hen ook altijd wat fruit mee, zodat ze hun eigen snoep niet zouden opeten, hehe. Zelf ben ik helaas niet veel beter in het eten van zoetigheid. Ze blijken hier namelijk de lekkerste ijsjes te hebben, waardoor ik elke dag naar het park ga en gewoon ijsjes zit te eten. 1 Quetzal is de prijs, wat neerkomt op 0.1 eurocent. Kan je begrijpen waarom? Maar langs de andere kant is het hier ook genieten van lekkere smoothies en veel vers fruit, dat compenseert. Verder heb ik dit weekend een trektocht ondernomen om een mooi uitzicht op het stadje te zien en ben ik de natuurlijke warmwaterbronnen, Fuentas Georginas, gaan bezoeken. Midden in de jungle, 3 warmwaterbaden, met water dat vanuit de bergen/vulkanen in de baden stroomt. Hoe dichter je bij de rotsen komt, hoe heter het water. En om helemaal sportief te blijven heb ik het weekend afgesloten met een partijtje voetbal, aaaah, dat was even leuk.

Wat de volgende plannen betreft is er een lichte verandering gekomen. Ik vertrek namelijk donderdag naar Mexico, San Christobal. Iedereen blijft maar leuke verhalen vertellen van Mexico en de foto´s zien er fantastisch mooi uit, waardoor ik besloten heb dit ook te willen zien, nu ik toch zo dicht bij de grens zit. Bovendien blijkt het eten er nog lekkerder te zijn dan hier, dat belooft... Wat betreft de griep, is het mijns inziens allemaal wat overroepen. Ook de Mexicanen zelf zeggen dit, niets om je zorgen over te maken. Het zal er alvast ietwat minder toeristisch zijn. Na wellicht een 2-tal weken Mexico zal ik terug de grens met Guatemala kruisen en mijn tocht naar de maya-ruines van Tikal verder zetten...
Hasta la proxima!!

zondag 7 juni 2009

Antigua - Lago Atitlan, Guatemala

Ut'z! Hier ben ik weer met meer regenweer. Het regenseizoen is ondertussen helemaal begonnen (start bijna dagelijks rond 14u) en als de zon weg is, is het eveneens wat frisser. Voor de rest blijft het in de voormiddag stralend zonweer. Maar goed, naast dit weerbericht kan ik ook zeggen dat ik er mijn eerste vrijwilligersproject heb opzitten in Casa Jackson, Antigua. Een tehuis waar een 13-tal ondervoedde kindjes (van 0-4 jaar) opgevangen worden. Om de 2u wordt een poging ondernomen ze melk en/of fruitpap te geven. Een hele opdracht aangezien de meerderheid geen eetlust heeft en ziek was die week. Maar de knuffels en de aandacht die je ze geeft en de glimlachjes die daardoor op hun gezicht verschijnen, maakten dit project meer dan de moeite waard.
Maandag ben ik vulkaan Pacaya gaan beklimmen. Op een hoogte van 1800m werden we met een busje afgezet, waarna nog een klim van anderhalf uur volgde tot op een hoogte van 2300m. Ik waande me op een gegeven moment even op Mount Doom (LOTR). Alles verandert plots van mooi groen landschap in zwart lavagesteente. Een klein moment later voel je de hitte tot aan je kleine teen en sta je oog in oog met een massa kolkend vuur. Marshmellow op de stok en dippen maar... De hitte is haast ondraaglijk en de gassen werken op je adem, maar hoe dan ook was het zien van de lava een once-in-a-lifetime ervaring me dunkt.
Een minder aangename ervaring was met meneer reuzekakkerlak die zich in mijn bed had verstopt. Die viezeriken zijn echt groot en blijken nog te kunnen vliegen ook. Dood moest ie... En of dat nog niet alles was werd ik diezelfde nacht plots wakkergeschud, daar ik het gevoel had dat iemand aan mijn bed stond te schudden. Ik neem mijn zaklamp en zie echter niemand in mijn kamer. Tot mijn grote verbazing zie ik de handdoek die op de stoel hangt ook heen en weer bewegen. Oeps, dit is een aardbeving. Hoewel die dus in Honduras plaats vond, heb ik die betrekkelijk goed gevoeld. Toch wel vreemde ervaring.
Voor de rest was Antigua een heel leuk plekje om te verblijven. Ik heb er bij een familie gelogeerd om mijn spaans wat verder te oefenen en heb er ongelooflijk lekkere en typische kost gegeten. Vooral tortillas, rijst en zwarte bonen, maar toch... Antigua blijft echter een toeristisch stekjem omdat heel wat studenten hierheen komen om goedkoop spaans te leren.

Na 10 dagen Antigua, ben ik deze week naar 'Lago Atitlan' getrokken. Een gigantisch meer omgeven door opnieuw talrijke vulkanen. De bergdorpjes geven het geheel een gezellige indruk. Na 3 verschillende chickenbussen en 6u reizen (omdat ik op een bus zat die zonodig overal moest leveren aan de winkeltjes) ben ik in San Pedro geraakt. In San Pedro La Laguna genoten van een hot tub under the moonlight en vooral van de relaxte sfeer die er heerst. Heel wat hippies hebben zich daar genesteld en hebben er massage of yoga-ateliers neergezet. Na 2 dagen rondwandelen en 'niets-doen' besloot ik de grote markt in Chichicastenango te bezoeken. Daar komt het op 1 iets aan: afbieden! En het is nog leuk ook. De marktkramers wachten je gewoon op met hun rekenmachine in de hand. Momenteel ben ik in Panajachel, ander dorpje aan het meer. Morgen gaat het richting Quetzaltenango waar ik opnieuw hoop wat vrijwilligerswerk te mogen doen. Dit was het weer voor nu.

Ondertussen heb ik ook het blije nieuws dat er al wat foto's te vinden zijn op volgende site:
www.flickr.com/photos/veronique-ontheroad.
Met dank aan W.

Tot heel gauw beste mensjes. Hou jullie goed verder in ons landje...en hoop dat jullie goed gestemd hebben.

zaterdag 23 mei 2009

foto's

Oja, nog even vergeten zeggen...Het zal nog even wachten worden op foto's, want ik ben zo slim geweest om mijn kabeltje thuis te vergeten. Zal ervoor zorgen dat dit gauw opgelost wordt...

El Cuba

Hola Muchachos y Muchachas,
Na 9 dagen heb ik Cuba achter mij gelaten en ben ik veilig en wel in Antigua, Guatemala aangekomen. Antigua, nummer zoveel op de Unesco Werelderfgoedlijst, frequent geraakt door aardbevingen en omgeven door 3 reusachtige, uit de wolken oprijzende, vulkanen. Maar laat me jullie eerst even vertellen over de Cubaanse avonturen.
Na 4 lange vluchten (en zowat 20u vliegen) ben ik zonder bagage in Havana aangekomen. En het zou de spaanse mentaliteit niet zijn als ik die meteen had teruggehad. "Is het vandaag niet, 'tis morgen" en zo was het na 2 dagen toch een blij weerzien met mijn knaloranje reisgezel. Tijdens die 2 dagen kon ik gelukkig bij mijn zus, schone broer en little Mo terecht en mocht ik meegenieten van een trip op de catamaran door de azuurblauwe caraïbische wateren, een duik bij de dolfijnen jawel en een giant lekkere langoustine, mmm. Met de huurauto zijn we met ons vieren naar Trinidad getrokken, opnieuw een stukje werelderfgoed. Langs de weg stonden zowel mini als maxi krabben klaar om onze autobanden aan te vallen. Het waren er helaas zoveel dat een aanzienlijk deel onder de banden terecht kwam en zo naast talrijke andere doden naast de weg gekatapulteerd werden. Er werd mij verzekerd dat er op Cuba geen slangen aanwezig zijn, maar dan ben ik wellicht de eerste die de soort daar ontdekt heeft, aangezien naast mij plots een dunnen bruine slang door het gras gleed, brrr.
Hoe de auto de tocht door de bergen naar Topes de Collantes overleefd heeft, is me nog altijd een raadsel. Je moet weten dat de wegen in Cuba niet bepaald in goede staat zijn (modder, grote gaten,...). Uiteindelijk is er maar 1 iets dat echt onderhouden wordt en dat zijn de talrijke borden langs de weg met Che Guevarra erop en opschriften als "revolucion", "hasta la victoria siempre", ... Noem maar op, je vindt ze overal! Ondertussen zat ik ook nog steeds met zeepjes en balpennen die ik van thuis uit meegenomen had. Het is zo dat Cubanen recht hebben op slechts 1 stuk zeep per maand. Ik herinner me nog goed het gezicht van de eerste vrouw aan wie we een stuk zeep gegeven hebben. Ze moet wellicht gedacht hebben dat er engeltjes uit de hemel gevallen waren. Geweldig gevoel was dat...
Cuba is naast een duur land ook heel kleurrijk (gebouwen, auto's, mensen) en de mensen zijn er wel behulpzaam. Het was toch even wennen, ook aan het alleen zijn.
Hier in Antigua loopt het in tegenstelling tot Cuba vol van de backpackers. Ik ben van plan hier een goeie week te blijven om wat vrijwilligerswerk te verrichten. Daarna gaat het verder richting Lake Atitlan en de Maya-ruïnes. Tot heel gauw...

maandag 11 mei 2009


Et voila, de 15 kg wegende rugzak staat vertrekkensklaar. Nu maar hopen dat mijn rug het de komende maanden niet laat afweten. Voor de lustige lezers onder ons die nog niet goed weten wat de planning is start ik dus voor 9 dagen in Cuba, alwaar ik mijn geliefde zussie voor even opnieuw mag begroeten. Daarna gaat het richting Centraal-Amerika, waar ik hoop 6 maanden te kunnen vertoeven. Met mijn voetjes en wat behulp van het openbaar vervoer zou ik doorheen alle landen, startend in Guatemala, helemaal tot in Panama willen geraken. Tussentijds wil ik graag een handje toesteken aan de mensen die het daar nodig hebben, vrijwilligerswerk dus. Eind november gaat het vliegtuig dan richting Fiji, Australië en Nieuw-Zeeland. In de volgende 6 maanden en met mijn budget al behoorlijk wat geminderd, zal het hoognodig zijn om in Australië een jobke te vinden. Tussendoor wil ik zeker Tasmanië en Nieuw-Zeeland niet laten links liggen.

Aldaar de grote plannen, maar het zal natuurlijk afwachten zijn of dit allemaal zo zal lopen. Ik hou jullie op de hoogte! Jullie mij ook?
Hasta la proxima!

woensdag 29 april 2009

home

"Een tevreden mens kan reizen door zijn eigen thuis"