woensdag 2 december 2009

Fiji

Witte stranden, turquoise lagoons, wiebelende palmbomen,... BULA VINAKA! Welcome to Fiji!
De 330 eilanden van Fiji hebben veel weg van wat velen het paradijs noemen. Geen gevaarlijke dieren of ziektes om je zorgen over te maken (uitgezonderd Aids die hier wel de grootste zorg is).
Bij aankomst zie je meteen dat toerisme de grootste inkomst is. Velen trekken gewoon een week naar de Mamanuca en Yasawa-eilanden en hoppen er van het ene naar het andere eiland om er te chillaxen, snorkelen en zonnebaden in een of ander luxe resort. Ik ben eerder uit op het culturele aspect en besloot daarom om mijn eerste week het grote Viti Levu-eiland in te trekken. De laatste week zou ik dan ook wat eilanden aandoen. (Later, na een dag in een backpack resort op het strand doorgebracht te hebben en me na een 2-tal uur al verveelde, besefte ik dat ik dit geen 7 dagen zou kunnen volhouden. Toch wat meer activiteit nodig.) Mijn eerste dag in Nadi maakte ik meteen kennis met de kava-traditie. Kava is de nationale drank gemaakt van de wortels van de peperplant en wordt vaak geofferd (sevusevu) als deel van een welkomstceremonie in een leefgemeenschap of village. Het wordt gedronken uit een halve kokosnootschelp (bilo) en ziet eruit als een modderdrankje. Voor en na het drinken wordt er een paar keer in de handen geklapt. Ik kan met niets vergelijken waarnaar het smaakt -alvast geen peper- maar je lippen en tong krijgen wel een verdovend gevoel. Afijn, Nadi is niet echt de leukste plaats om te vertoeven, hoewel je er wel een duidelijk zicht krijgt op de verschillende culturen die in Fiji aanwezig zijn. Je hebt er eerst en vooral de ‘native Fijians’ die voor mij sterk op de Maori lijken. Het zijn grote mannen en vrouwen, brede neus, kloeke gestalte. Zowel mannen als vrouwen dragen af en toe een bloem achter de linker of rechteroor (links:getrouwd; rechts:single). Mannen dragen meestal een felgekleurd en bedrukt bloemetjeshemd, vaak gecombineerd met een soort rok. Vrouwen dragen een soort variatie op de sula of sarong. Vervolgens zijn er ook de ‘Fiji-indians’, Indiërs die voornamelijk als werkkrachten naar Fiji gebracht werden en er uiteindelijk bleven. Ze maken 38% uit van de totale populatie in Fiji en zijn eigenaars van heel wat winkeltjes en restaurants. Typisch is dat ze je ook aanspreken met ma’m (yes ma’m, of course ma’m, certainly ma’m, thank you ma’m…). Voor de rest zijn ook China, Europa, Australië en Nieuw-Zeeland goed vertegenwoordigd, alsook een mix van al deze.

Dag 2 ben ik verder de zuidkust gaan verkennen, de bus op naar Sigatoka Sand Dunes National Park. Grappig is dat de bussen hier geen ramen hebben, lekker frisjes dus, en er werkers met kruiwagens klaar staan om de bagage van de passagiers te vervoeren. Zoals de naam zegt is het Sand Dunes Park een gebied van 680 hectare duinen die op plaatsen tot 80m hoog rijzen. Het geeft mooie uitzichten op de omgeving en geeft je af en toe het gevoel alsof je in de woestijn bent.

Na een dagje rusten in een backpackerresort langs de coral coast doorgereisd naar Suva, de hoofdstad. Vol marktjes, winkels en oude gebouwen naast talrijke wolkenkrabbers was voor mij een bezoek aan het museum het interessantst alwaar je een goed beeld krijgt op de geschiedenis en vroegere tradities (oa kannibalisme) van het land. Verder zijn er overal ook rugby-velden te vinden, de sport, en is iedereen al volop in de kerstsfeer. De kerstboom is reeds present en in de reclame zie je de kerstmutsen verschijnen. Om nog niet te spreken van de muziek.

Van Suva de ferry op naar Ovalau eiland waar Levuka zich bevindt. Levuka was de oude hoofdstad en lijkt nu wat op een uitgestorven cowboy dorpje. Voor de rest bestaat het eiland uit vele kleine leefgemeenschappen met een ‘chief’ die regeert en aan wie je toestemming moet vragen om de gemeenschap in te mogen. De mensen zijn er ongelooflijk vriendelijk en gastvrij en de mañana mentaliteit van in Centraal-Amerika is er heel sterk aanwezig. Hier noemen ze het gewoon Feejee time! Heb er ook een kerkdienst meegevierd. Min of meer gelijkend op de dienst thuis, behalve dat er veel gezongen wordt en de priester tussendoor af en toe een grapje maakt. Op de terugweg naar Nadi nog een stop in Pacific Harbour gemaakt waar de Beqa lagoon is – with world-class scuba diving. Moest ik dus met mijn eigen ogen zien. En inderdaad, ben er naar een scheepswrak gedoken, 30m diep en dus dieper dan ik eigenlijk met mijn certificaat mag duiken en onderweg ook geweldig kleurrijke vissen, blauwe zeesterren en een white-tipped reef shark gezien. Duik nummer 10 zit erop, joehoew!

En zo heb ik mijn laatste 4 dagen op de toeristeneilanden doorgebracht. Gestart in de Yasawa groep (30 eilanden) waar de grotere en meer beboste eilanden gelegen zijn en geëindigd op Bounty eiland (helaas zonder enige bounty-snack aanwezig), één van de ‘party-eilanden’ in de Mamanuca-groep (32 eilanden). Heb er vooral gesnorkeld (Fiji heeft 10 000 km² koraalrif, waarin duizenden soorten vis, planten en dieren leven, te vergelijken met regenwouden qua biodiversiteit. Ideaal om te snorkelen dus!)en mijn huid een bruiner teintje gegeven.

Bij deze zit ook mijn Feeje time er reeds op en ben ik nu sinds 4 dagen in Sydney, Australië! Kangoeroetime!

Seqa na leqa!

4 opmerkingen:

  1. Aids een groot gevaar? Wa steke gij daar allemaal uit dan? :p Enjoy Skippy ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Deze reactie is verwijderd door de auteur.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. hoi Veronique,

    Ik lees en zie dat je nog altijd veel plezier hebt in je wereldreis.
    Heb je speciale plannen om kerst en Nieuwjaar door te komen?

    Geniet er nog van
    Heel veel groetjes
    Mireille

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Zalig wat gij daar alemale uitspookt!
    Dikke zoene(pakistanikindje)

    BeantwoordenVerwijderen