Halloooo luitjes,
nog vlug even een korte schets van de afgelopen weken ergens tussen noord, oost en zuid (we zijn weer alle kanten opgereden). Waar waren we gebleven? Alice Springs, me dunkt. ’t Centrum van Oz snel achter ons gelaten om eerst de West Macdonnell Ranges te verkennen en zo door te rijden naar hét icoon van Australië, namelijk Uluru of ook gekend als Ayers Rock. West Macs voornamelijk gigantische ravijnen met mooie uitzichten op een eindeloze horizon. Het zou het resultaat moeten zijn van 60 miljoen jaar werkende rivierkrachten van een rivier die eigenlijk nauwelijks stroomt. Vreemd jawel, zoals er hier wel meerdere dingen zijn.
Uluru was opnieuw een cultureel hoogstandje. We dachten eerst gewoon een hoop zand te zien, té overschat door de horden toeristen, maar onze ranger-gids heeft onze visie wel degelijk bijgeschaafd. Hoewel het effectief een hoop samengeperst zand is, zit er heel wat meer achter de enorme massa in de anders lege woestijn. Naast de verandering van kleur die inderdaad plaats vindt bij zonsondergang is de steen ook dé bron van leven in de omgeving. En wat is nu de bron van alle leven? Water, correct! Check! De steen bevat gewoon water en daar leven de beesjes en mensjes van. Buiten dat is de originele kleur van Uluru eigenlijk blauw-grijs (zou je niet zeggen als je ‘m ziet), staat ie er al 360 miljoen jaar (of meer?) en konden de aardbewoners dien tijde op de top lopen die toen eigenlijk gewoon de grond was. Afin, dan zeg ik nog niets over de betekenis voor de Aboriginals daar. Voor meer info, ge zult moeten wachten tot ik thuis ben (of voor de rappere is er ook nog onze vriend google). Na Uluru ook z’n zus Mount Olga gaan bezoeken met dit verschil dat Olga nen hoop samengeperste stenen en rotsen zijn en 200m hoger dan broer Uluru.
Van daar dan verder de woestijn ingetrokken (en als ik zeg eindeloos, dan bedoel ik ook echt eindeloos hier) en halt gehouden in Coober Pedy, de opaalhoofdstad van Australië of zelfs misschien van de wereld. Je komt geleidelijk aan dichterbij gereden en ziet plots overal om je heen hoopjes zand opduiken. Veel mensen zijn er destijds heen gegaan om de vondst van hun leven te doen en je kan nog steeds op sommige plaatsen zelf gaan graven of gewoon een stuk grond kopen op hoop van zegen. Maar niet alleen dat, je zit er midden in de woestijn, snikheet (tot 50°) en waar leven de mensen…ondergronds! Zelf hebben we er een ondergrondse kampeerervaring bij. ’t Is ne keer iets anders dan anders. En we zijn er ook dichtbij de maan gekomen. Allé ’t is te zeggen, het landschap daar gelijkt als 2 druppels water op het maanlandschap.
Okei, Uluru in het noorden, Coober Pedy was dan weer bovenaan South-Australia en vandaar moesten we naar het oosten, op naar de Blue Mountains. Van vlakke droge woestijn zaten we twee dagen later plots in koele bergen. Op de koop toe kregen we na bijna 4 maanden droogte meteen ook hele vlagen regen over onze kop. Om maar van ’t ene uiterste in het andere te vliegen… Van vliegen gesproken, die waren er met dat weer dan wel niet meer, nog dat voordeel. De Blue Mountains beloofden mooi te worden, maar de regen was ons echter niet echt welgezind. Dolblij als kleine kindjes toen we die eerste regen en langverwachte verfrissing voelden, was het echter van korte duur. Omdat we zo hoog in de bergen zaten, zaten we in de wolken met als gevolg mist en geen mooie uitzichten, alleen wit voor je neus. En zo hebben we van de hele bergstreek nada, noppes, nietmendal gezien. Uitgezonderd ne waterval dan. Een mens rijdt daarvoor dan speciaal helemaal terug naar Sydney of anders gezegd een ritje van 1500km. Dus zat er niets anders op dan maar meteen door te rijden naar de volgende bestemming namelijk hoofdstad Canberra! De stad met genoeg musea en bezienswaardigheden om twee weken te vullen. Wij hadden twee dagen, dus ’t was vlug vlug van ’t ene interessante naar ’t andere huppen. Canberra is samengevat gewoon één groot abstract verhalenboek van Australië. En om af te sluiten zijn we terug naar het zuiden gereden met als laatste tussenstop de Snowy Mountains en Mount Kosciusko (kan je het uitspreken?) National Park. Met zekerheid hét skioord van Down Under. Hele kleine dorpjes tussen grote steile bergflanken wachtend op de eerste sneeuwzoekers! Tot zover nog geen sneeuw, maar goed om opnieuw de wandelshoes aan te trekken.
En zo is de cirkel rond en zijn we weer in Melbourne, hopend dat de auto vlug verkocht geraakt en wij de vliegmachien opkunnen naar Nieuw Zeeland. Ondertussen is de zon zich hier geleidelijk aan achter de wolken aan het schuilhouden, terwijl ze bij jullie hopelijk haar koppie laat zien.
Nog een zalig paaskeun en hou alvast nog een eitje over voor me, okei?!
No worries!

T'amusement in Nieuw Zeeland, in documentaires ziet dat er alvast niet slecht uit
BeantwoordenVerwijderenGroetjes
Kristof May